Riesling

De Riesling, ook wel de 'koningin van de witte wijndruiven' genoemd, is de belangrijke wijnsoort van de Moezel. Met meer dan zestig procent van het oppervlak van de wijnbouw is de Riesling niet alleen in kwantitatief opzicht de belangrijkste druivensoort. Het sap van de druiven geeft een elegante, fris-fruitige en mineralische wijn. Hierdoor is Riesling geschikt voor alle kwaliteitsniveaus en zoetheidsgraden. Bijvoorbeeld een mineralisch-droge kwaliteitswijn, een licht-fruitige kabinet of een edelzoete ijswijn.

Müller-Thurgau

De op een na belangrijkste Moezelwijndruif - Müller-Thurgau - wordt ook wel Rivaner genoemd. Zijn lage zuurtegraad geeft milde wijnen met een boeket van muskaat. Droog of half droog is de Müller-Thurgau met zijn fruitige en kruidige aroma's onder andere geschikt als frisse zomerwijn.

Spätburgunder

De Spätburgunder, internationaal beter bekend als Pinot Noir, is een van de meest edele rode druivensoorten ter wereld. Sinds de late jaren tachtig is hij in het Moezeldal steeds verder verspreid. Als lichte roséwijn, fruitige rode wijn of een complexe, in barrique vat gerijpte wijn is deze wijn een echt multi-talent.

Dornfelder

Dornfelder is een relatief jonge soort die erg populair is. De wijnen worden gekenmerkt door een intensieve, dieprode kleur, een hoog tanninegehalte en een fruitig aroma.